wat-betekent-pre-safe-functie-beperkt-beschikbaar-bij-mercedes

De melding “Pre-Safe functie beperkt beschikbaar” op het dashboard van een Mercedes roept direct vragen op. Zeker als je tegelijk oranje ESP-lampjes ziet, het gaspedaal niet meer reageert of de auto zelfs in noodloop gaat. Moderne Mercedes-modellen zijn uitgerust met een uitgebreid veiligheidssysteem dat botsingen moet voorspellen én de gevolgen moet beperken. Wanneer dat systeem niet volledig kan werken, grijpt de auto uit voorzorg in en verschijnt precies deze waarschuwing. Begrijpen wat er achter de schermen gebeurt, helpt je om storingen beter te duiden, gerichter te laten diagnoseren en vooral: veilig verder te rijden.

Voor jou als bestuurder is het belangrijk om te weten dat deze melding meestal geen “alles of niets”-situatie is. Vaak werken andere rem-, stabiliteits- en airbagfuncties nog gewoon, maar is de preventieve bescherming slechts gedeeltelijk actief. Tegelijk kan een beperkte Pre-Safe functie wél een aanwijzing zijn voor onderliggende problemen, zoals een vervuilde radarsensor, een zwakke accu of een softwarefout in het ESP- of SRS-stuurapparaat. Wie de logica achter Pre-Safe, ESP en de rest van het ADAS-ecosysteem begrijpt, kan veel sneller tot een duurzame oplossing komen.

Pre-safe functie bij mercedes uitgelegd: werking, sensoren en koppeling met ESP en BAS

Het Pre-Safe systeem van Mercedes is een zogenoemd preventief veiligheidssysteem. Waar airbags en gordelspanners pas reageren tijdens of net na een botsing, probeert Pre-Safe al in de seconden ervoor in te grijpen. Het systeem analyseert continu je rijstijl, de omgeving en de voertuigbewegingen. Zodra de regeleenheid een dreigende aanrijding vermoedt, worden voorbereidingen getroffen: gordels aanspannen, ramen iets sluiten, stoelposities optimaliseren en bij varianten als Pre-Safe Brake zelfs autonoom afremmen.

Technisch gezien leunt Pre-Safe sterk op bestaande systemen als ESP (stabiliteitscontrole), ABS (antiblokkeer), BAS (Brake Assist) en de verschillende airbagmodules. Je kunt het zien als een regisseur die de beschikbare veiligheidssystemen coördineert. Omdat veel signalen via hetzelfde CAN-bus netwerk lopen, kan een fout in één sensor – bijvoorbeeld een stuurhoeksensor of yaw rate-sensor – zowel ESP-storingen als een beperkte Pre-Safe functie veroorzaken.

Sensorarchitectuur van Pre-Safe: radars, cameramodules en gyroscopen in systemen zoals distronic plus

De basis van elke Pre-Safe ingreep ligt bij de sensoren. Afhankelijk van model en bouwjaar gebruikt Mercedes een combinatie van:

  • Voorste radarsensor(en), vaak achter de ster in de grille (Distronic / Distronic Plus)
  • Frontcamera achter de voorruit voor herkenning van voertuigen, voetgangers en rijstroken
  • Wieltoerentalsensoren voor snelheid en slipdetectie
  • Gyroscopen en yaw rate-sensoren voor zijdelingse beweging en uitbraakgedrag

Deze sensoren leveren honderden metingen per seconde. De regeleenheid van Pre-Safe vergelijkt die continu met drempelwaarden. Wordt bijvoorbeeld binnen minder dan 0,6 seconden een mogelijke frontale impact berekend, dan worden gordels voorgespannen en kan bij Pre-Safe Brake autonoom worden afgeremd. Fabrikanten communiceren zelden exacte cijfers, maar onafhankelijke ADAS-tests laten zien dat automatische remsystemen tot 40% minder kop-staartbotsingen kunnen opleveren bij snelheden tot 50 km/u.

Communicatie tussen Pre-Safe, ESP, ABS en BAS in het mercedes CAN-bus netwerk

Alle moderne Mercedes-modellen gebruiken meerdere CAN-buslijnen: aandrijving, chassis, comfort en infotainment. Pre-Safe hangt vooral aan de chassis- en veiligheids-CAN. Via deze digitale snelwegen wisselen stuurapparaten als ESP, ABR (remregelapparaat), SRS (airbags) en soms het motorregelapparaat (ME/EDC) voortdurend data uit. Deze communicatie is cruciaal voor de interpretatie van een melding als “Pre-Safe functie beperkt beschikbaar”.

Ontstaat er een inconsistente meting – bijvoorbeeld een wieltoerentalsensor die kort uitvalt – dan kan ESP een foutstatus aannemen. Pre-Safe “ziet” dat een betrouwbaar signaal ontbreekt en schakelt bepaalde functies preventief uit. Daarom zie je in de praktijk vaak dat een beperkt werkende Pre-Safe functie gepaard gaat met brandende ESP- of ABS-lampjes, tijdelijk uitgeschakelde cruisecontrol of een niet-actieve Distronic Plus.

Algoritmes voor dreigingsdetectie: noodstop, slip, uitwijkmanoeuvre en zijdelingse impact

Pre-Safe gebruikt algoritmes die vergelijkbaar zijn met die in moderne ADAS-systemen. De software herkent onder meer:

  • Noodstop-situaties: extreem snel intrappen van het rempedaal activeert BAS en Pre-Safe voorbereidingen.
  • Slip of uitbraak: via yaw-sensor en stuurhoeksensor detecteert ESP een beginnende slip; Pre-Safe bereidt de inzittenden voor.
  • Uitwijkmanoeuvres: abrupte stuurbewegingen gecombineerd met hoge snelheid wijzen op een noodmanoeuvre.
  • Zijdelingse impact: bij Pre-Safe Impulse Side worden vlak voor de botsing de inzittenden van de impactzijde weggehaald.

Een nuttige analogie: zie Pre-Safe als een slimme “voorspeller” die constant rekent met scenario’s. Net als een weerapp die uit radarbeelden een onweersbui voorspelt, extrapoleert Pre-Safe voertuig- en omgevingsdata naar mogelijke botsingen. Wordt een scenario té onzeker – bijvoorbeeld door een ontbrekend sensorsignaal – dan wordt de functie beperkt en verschijnt de bekende melding.

Modelvoorbeelden: implementatie van Pre-Safe in mercedes C-Klasse W205, E-Klasse W213 en S-Klasse W222

De basisfilosofie van Pre-Safe is vergelijkbaar over de modellen heen, maar de invulling verschilt. In de C-Klasse W205 is Pre-Safe meestal gekoppeld aan optiepakketten met Distronic, actieve remassistent en dodehoekbewaking. De E-Klasse W213 voegt daar in veel uitvoeringen Pre-Safe Sound aan toe, dat een speciaal geluid uitstuurt om het gehoor te beschermen vlak voor een impact.

De S-Klasse W222 gaat nog verder met uitgebreide Pre-Safe Plus functies die ook waarschuwingen en maatregelen bij naderende achteropbotsingen bieden. Bij alle drie de modellen geldt: valt een submodule uit (bijvoorbeeld de radarsensor achter de ster), dan kan het systeem terugvallen naar een beperkte modus. Dit verklaart waarom in praktijkcases – zoals bij diverse W176- en W205-rijders – na het reinigen of juist vervangen van de radar de melding “Pre-Safe functie beperkt beschikbaar” verdwijnt.

Wat betekent de melding “Pre-Safe functie beperkt beschikbaar” op het mercedes dashboard?

Zodra je op het display “Pre-Safe functie beperkt beschikbaar, zie handleiding” ziet, geeft de auto aan dat de preventieve veiligheid niet op volle capaciteit werkt. De kern: de software heeft geconstateerd dat een essentieel signaal onbetrouwbaar of afwezig is. Uit veiligheidsoverwegingen wordt dan gekozen voor een gedeeltelijke deactivering van Pre-Safe functies, in plaats van blind verder vertrouwen op mogelijk foute data.

In de praktijk gaat het vaak samen met bijkomende verschijnselen: oranje ESP-lampje, een generiek storingssymbool, tijdelijk geen of beperkt gas kunnen geven of een noodloopmodus van de motor. Bij sommige bestuurders treedt de fout alleen onder specifieke omstandigheden op, bijvoorbeeld bij nat weer of bij sterke elektromagnetische storing in de omgeving. Die variatie onderstreept dat “Pre-Safe beperkt beschikbaar” vooral een symptoom is; de echte oorzaak zit meestal dieper in de sensoren of regelapparaten.

Verschil tussen “Pre-Safe niet beschikbaar” en “Pre-Safe functie beperkt beschikbaar” in COMAND / MBUX

Mercedes maakt in de meldingen bewust onderscheid tussen een volledig uitgeschakeld en een beperkt werkend systeem. “Pre-Safe niet beschikbaar” betekent dat de regeleenheid de functie volledig heeft gedeactiveerd, bijvoorbeeld door een kritieke fout in het SRS-systeem of een ernstige netwerkstoring op de CAN-bus. In dat geval zijn alleen de passieve veiligheidssystemen nog actief (airbags, mechanische gordelspanners).

“Pre-Safe functie beperkt beschikbaar” is milder: delen van het systeem functioneren nog, maar de software kiest voor een conservatieve strategie. Denk aan de analoge situatie waarbij cruisecontrol wordt uitgeschakeld, maar de rest van de auto normaal blijft rijden. Voor jou als bestuurder is het verschil relevant: een beperkte functie vraagt om diagnose op korte termijn; een volledig niet-beschikbaar systeem verdient veel sneller aandacht.

Typische scenario’s waarin capaciteit wordt beperkt: slecht wegdek, extreme weersomstandigheden, aanhangergebruik

Niet elke waarschuwing komt door een hardwaredefect. Er zijn situaties waarin de omgeving het systeem “overbelast” of misleidt. Hevige regen, sneeuw of modder kunnen de radar- en camerasensoren zodanig beïnvloeden dat de software de meetdata niet meer betrouwbaar acht. Ook trillingen op extreem slecht wegdek kunnen foutieve acceleratiemeting veroorzaken, waardoor Pre-Safe tijdelijk terugschakelt.

Bij gebruik met een aanhanger – zeker als deze slecht gedetecteerd wordt of geen correcte elektrische aansluiting heeft – kunnen systemen als dodehoekassistent en achteruitrijcamera afwijkende informatie doorgeven. Pre-Safe beperkt dan soms de functionaliteit, juist om onvoorspelbare remingrepen of gordelacties te voorkomen. Daarom kan de melding soms vanzelf verdwijnen zodra je een schoner wegdek of beter weer bereikt, of nadat je de sensoroppervlakken hebt gereinigd.

Relatie met foutcodes in het diagnosegeheugen (bijv. DTC’s in SAM, ESP- en SRS-stuurapparaat)

In de diagnosepraktijk blijkt bijna altijd dat bij een melding “Pre-Safe functie beperkt beschikbaar” relevante foutcodes zijn opgeslagen. Denk aan DTC’s in het ESP-stuurapparaat, in het SRS-/airbagstuurapparaat of in de SAM-module (Signaal Acquisition Module) die veel sensoren en voeding bewaakt. Soms gaat het om zogenaamde “intermittent” fouten: kortstondige onderbrekingen of spanningsvallen.

Een veelgemaakte fout is te vertrouwen op “geen foutcodes” in universele OBD2-apparatuur. OEM-diagnosetools zoals Xentry zien veel meer, inclusief statusbits, veiligheidsrelevante tellingen en reële waardes. Daarom benadrukken merkexperts regelmatig dat “diagnose stellen” niet gelijkstaat aan alleen foutcodes uitlezen, maar ook het analyseren van de werkelijke waarden en de omstandigheden waaronder de fout ontstond.

Veiligheidsmarge en fallback-strategieën wanneer Pre-Safe slechts gedeeltelijk actief is

Mercedes hanteert bij veiligheidssystemen een dubbele veiligheidsmarge. Enerzijds is er de hardware-reduncantie (meerdere sensoren voor dezelfde grootheid), anderzijds de softwarematige fallback. Wanneer Pre-Safe in een beperkte modus draait, blijft de basisveiligheid gewaarborgd: de remmen, de mechanische gordels en de standaard airbags zijn actief.

De fallback-strategieën zijn ontworpen om te voorkomen dat een foutieve meting tot gevaarlijke automatische acties leidt. Bij twijfel wordt bijvoorbeeld de autonome remfunctie gedeactiveerd, terwijl waarschuwingen op het display en akoestische signalen wél beschikbaar blijven. Voor jou als bestuurder betekent dit: de auto zal minder “voor je denken” bij een dreigende botsing en verwacht dat jij actiever reageert.

Veelvoorkomende oorzaken van een beperkte Pre-Safe functie bij mercedes-modellen

De praktijkervaring van werkplaatsen, forums en merkdealers laat een duidelijk patroon zien in oorzaken. Hoewel elk model en bouwjaar zijn eigen typische zwakke punten heeft, keren bepaalde thema’s steeds terug. Wie systematisch zoekt, kan met deze kennis veel tijd besparen en onnodige onderdelenvervanging vermijden.

Een opvallende trend is dat zowel relatief simpele problemen (een vervuilde radar, geoxideerde stekkers) als complexe issues (firmwarebugs, CAN-bus storingen) tot dezelfde dashboardmelding kunnen leiden. Daarom is een gestructureerde aanpak met eerstelijnscontroles van sensoren, voeding en massa-aansluitingen vaak verstandig, voordat duurdere componenten worden besteld.

Vervuilde of geblokkeerde radarsensoren en frontcamera’s (bijv. achter de ster in de grille)

Een van de meest voorkomende oorzaken is verrassend eenvoudig: vuil, insecten of sneeuw voor de radarsensor of camera. Bij veel modellen – zoals de A-Klasse W176 en de B-Klasse W246 – zit de radar achter het Mercedes-sterlogo. Als het logo of de houder niet goed is gemonteerd, of de lens vervuild is, kan het signaal verslechteren.

Rijders melden regelmatig dat de melding “Pre-Safe functie beperkt beschikbaar” verdwijnt na het schoonmaken van de ster of het front. Soms blijkt later dat de sensor zelf “net niet” in de houder geklikt zat, wat tot trillingen en contactproblemen leidde. Een visuele controle van de grille, de camera achter de voorruit en de kabelboom rondom de frontbalk is daarom een logische eerste stap.

Storing in gordelspanners, gordelkrachtbegrenzers of gordelsloten met Pre-Safe-voorbereiding

Pre-Safe werkt intensief samen met de actieve gordelcomponenten. Elektronische gordelspanners, gordelkrachtbegrenzers en gordelsloten met geïntegreerde sensoren sturen continu statusinformatie naar het SRS-stuurapparaat. Wordt daar een afwijkende weerstand of onderbreking gedetecteerd, dan kan het systeem uit veiligheid overgaan naar een beperkte modus.

Typische fouten zijn losse stekkers onder de stoelen, beschadigde kabels door zitverstelling of interne defecten van de gordelspanners. In sommige gevallen verschijnt ook een airbagwaarschuwingslampje. Omdat deze componenten cruciaal zijn bij een botsing, schakelt Pre-Safe automatisch delen van zijn functionaliteit uit zodra de betrouwbaarheid niet meer gegarandeerd is.

Defecte zij- en gordijnairbagsensoren en hun impact op Pre-Safe impulse side

Bij varianten als Pre-Safe Impulse Side spelen zij-impact- en gordijnairbagsensoren een centrale rol. Deze crashsensoren meten in milliseconden de versnelling in de portieren en de B-stijl om een zijdelingse botsing te herkennen. Defecten of afwijkingen in deze sensoren kunnen niet alleen airbagstoringen veroorzaken, maar ook de Pre-Safe functies bij zij-aanrijdingen beperken.

Wanneer de regeleenheid merkt dat de laterale versnellingssensor of een specifieke crashsensor intermittente signalen geeft, wordt vaak een DTC opgeslagen die direct verwijst naar een “limitation of Pre-Safe functions”. In de praktijk betekent dit dat het systeem niet meer vertrouwt op de timing van de drukopbouw in gordelspanners of luchtkussens bij een zijbotsing, en daarom voorzichtigheidshalve eerder terugschakelt.

Laag accuniveau, spanningsval of problemen met de boordnetregelaar (battery management)

Veel bestuurders onderschatten de rol van een gezonde accu en stabiele boordspanning bij ADAS-systemen. Pre-Safe is energie-intensief: gordels aanspannen, ramen sluiten en eventueel autonoom remmen vragen om piekstromen. Bij een lage accuspanning of een defecte boordnetregelaar kan de software besluiten dat er onvoldoende veilige reserve is voor een volledige ingreep.

In koude omstandigheden – onder circa 4 °C, zoals sommige Vito-rijders melden – wordt een zwakke accu vaak pas echt zichtbaar. Herhaalde starts, korte ritten en accessoires als standverwarming kunnen de situatie verergeren. Een spanningsval tot onder ongeveer 10,5–11 V tijdens het starten is vaak al voldoende om diverse stuurapparaten in een foutstatus te brengen, met als gevolg onder andere een beperkte Pre-Safe functie.

Softwarebugs of verouderde firmware in ECU’s zoals ESP, SRS en het Pre-Safe-stuurapparaat

Naast hardware spelen software-issues een steeds grotere rol. Mercedes brengt regelmatig updates uit voor stuurapparaten als ESP, het radarregelapparaat en de SRS-module om foutgevoeligheid te verminderen of nieuwe algoritmes te introduceren. In meerdere documentatiebronnen wordt verwezen naar firmware-updates die het aantal “false positives” van Pre-Safe waarschuwingen aanzienlijk verlagen.

Bij voertuigen van de bouwjaren rond 2013–2016 (zoals de W176 A-Klasse) leidt een software-update van het motormanagement soms tot een andere interactie met het ESP- en Pre-Safe-systeem. Wie een gebruikte Mercedes koopt en geen updatehistorie heeft, doet er goed aan de dealer te vragen of alle relevante veiligheidssysteemupdates zijn uitgevoerd. In combinatie met chiptuning of aangepaste software is dit punt extra kritisch.

Diagnose en foutuitlezing van Pre-Safe problemen met mercedes star diagnosis en OBD2-tools

Een betrouwbare diagnose van Pre-Safe problemen begint bij de juiste apparatuur. Universele OBD2-scanners geven hooguit globale foutcodes, maar missen vaak de veiligheidsrelevante subcodes, meetwaarden en testfuncties. Voor moderne Mercedes-modellen is merk-specifieke software zoals Xentry (Star Diagnosis) eigenlijk onmisbaar om diepgaande informatie over ESP, SRS en Pre-Safe op te vragen.

Systematisch werken levert hier het meeste resultaat op: eerst alle stuurapparaten scannen en foutcodes noteren, daarna live-data bekijken en tot slot gerichte componenttests uitvoeren. Dit proces kost tijd, maar voorkomt dat op goed geluk dure componenten als radars, airbagmodules of compleet gasklephuizen vervangen worden zonder effect.

Gebruik van mercedes xentry / star diagnosis voor het uitlezen van Pre-Safe gerelateerde foutcodes

Xentry, ook wel bekend als Star Diagnosis, is de officiële OEM-diagnosticatietool voor Mercedes. Deze software kan per stuurapparaat niet alleen de foutcodes weergeven, maar ook de status van Pre-Safe functies (actief, beperkt, gedeactiveerd) en de exacte reden van een beperking. Daarbij worden freeze-frame data opgeslagen: rijsnelheid, temperatuur, accuspanning en andere parameters op het moment van de fout.

Met Xentry is het bovendien mogelijk om softwareversies te controleren en, indien beschikbaar, firmware-updates uit te voeren. Zeker bij hardnekkige of moeilijk reproduceerbare meldingen is het zinvol om eerst alle stuurapparaten op de laatste softwarestand te brengen. In de praktijk verdwijnt een aanzienlijk aandeel van de “Pre-Safe functie beperkt beschikbaar”-meldingen na een dergelijke update, vooral bij voertuigen die jarenlang geen dealerbezoek hebben gehad.

Live-data analyse: monitors van radars, stuurhoeksensor, wieltoerentalsensoren en yaw-sensor

Na het uitlezen van foutcodes is live-data de logische volgende stap. Xentry en hoogwaardige aftermarket tools tonen real-time waarden van radarsensoren (doelafstand, doelrelatiesnelheid), stuurhoeksensor (absolute stuurstand), yaw-sensor (draaisnelheid rond verticale as) en wieltoerentalsensoren. Door tijdens een proefrit mee te kijken, worden onlogische of uitvallende signalen zichtbaar.

Een nuttige analogie: zie live-data als een hartfilmpje voor de auto. Een kortstondige hartritmestoornis zie je niet in een stilstaand ECG, maar wel tijdens een inspanningstest. Zo werken Pre-Safe gerelateerde storingen ook regelmatig alleen onder specifieke omstandigheden (bijvoorbeeld bij acceleratie op nat wegdek of bij drempels), die in de werkplaats niet direct zichtbaar zijn.

Beperkte Pre-Safe functie testen via actuatorenaansturing en componenttests in xentry

Met actuatorenaansturing kunnen monteurs bepaalde onderdelen actief aansturen om hun functioneren te testen. Denk aan testacties voor gordelspanners, waarschuwingstonen, displaymeldingen of het simuleren van een dreigende botsing in een veilige, softwarematige omgeving. Zo is te controleren of mechanica en elektronica correct reageren zonder daadwerkelijk een gevaarlijke situatie te creëren.

Componenttests maken het mogelijk om bijvoorbeeld de voorste radarsensor of de frontcamera afzonderlijk te beoordelen. Xentry kan aangeven of de sensor correct is gekalibreerd, of er interne foutcodes zijn en of de signaalsterkte binnen specificatie blijft. Als zulke tests falen, ligt de oorzaak van de beperkte Pre-Safe functie vaak bij de betreffende sensor of diens bedrading.

Aftermarket diagnoseapparatuur (bijv. autel, launch) versus OEM star diagnosis bij moderne mercedes-modellen

Aftermarket diagnoseapparatuur van merken als Autel en Launch biedt steeds meer ondersteuning voor Mercedes-specifieke systemen. Toch blijft er een verschil met OEM-tools. Aftermarket scanners missen soms merk-specifieke meetwaardeblokken, geavanceerde kalibratiefuncties of de mogelijkheid tot online software-updates. Vooral bij complexe ADAS- en Pre-Safe storingen is dat een belangrijk nadeel.

Een praktische benadering: voor basisdiagnose en foutcode-uitlezing volstaan goede universele tools vaak. Blijft de melding terugkeren, of zijn er onduidelijke interacties tussen ESP, motorsturing en airbagmodule, dan is een merkdealer of specialist met Xentry meestal de meest efficiënte route. Dat verkleint de kans op onnodige onderdelenvervanging en versnelt de weg naar een permanente oplossing.

Pre-safe varianten bij mercedes: Pre-Safe brake, Pre-Safe plus en Pre-Safe impulse side

Onder de noemer Pre-Safe vallen meerdere subfuncties die in de loop der jaren zijn uitgebreid. Pre-Safe Brake is de bekendste: het systeem dat autonoom kan remmen bij een dreigende frontale botsing. Dit werkt nauw samen met radars en eventueel camera’s om zowel stilstaande als bewegende objecten te herkennen. In Euro NCAP-tests scoren voertuigen met dergelijke automatische noodremsystemen doorgaans tot 5 sterren op het gebied van “Safety Assist”.

Pre-Safe Plus richt zich op naderende achteropbotsingen. Zodra de radar achter of rondom het voertuig detecteert dat een achterligger te snel nadert, kan het systeem de remdruk opbouwen om de auto vast te zetten, noodknipperlichten activeren en voorbereidingen treffen voor de inzittenden. Ten slotte biedt Pre-Safe Impulse Side een unieke zijdelingse bescherming: door middel van luchtkamers in de stoelen wordt de inzittende een fractie van een seconde voor de impact naar de andere kant van het voertuig geduwd, waardoor de kans op letsel aan de impactzijde afneemt.

Elk van deze varianten stelt specifieke eisen aan sensoren en actuatoren. Bij een storing in de achterste radarsensor kan bijvoorbeeld Pre-Safe Plus gelimiteerd zijn, terwijl de frontale Pre-Safe Brake nog volledig functioneert. In de diagnose-informatie is meestal nauwkeurig terug te vinden welke subfunctie beperkt is, wat de zoekrichting sterk verfijnt.

Beperkingen, veiligheidsconcept en juridische aspecten van Pre-Safe in het ADAS-ecosysteem

Hoe geavanceerd Pre-Safe ook is, het blijft een ondersteunend systeem en geen vervanging van de bestuurder. Juridisch en technisch positioneren fabrikanten dit soort systemen daarom nadrukkelijk als “assistenten”. In handleidingen staat consequent vermeld dat de bestuurder te allen tijde verantwoordelijk blijft voor de voertuigcontrole en dat systemen als Pre-Safe niet alle ongevallen kunnen voorkomen.

De beperkingen hangen samen met sensorbereik, weerscondities, verkeerscomplexiteit en softwarelogica. Bij extreem slecht zicht, glibberige ondergronden of ongebruikelijke verkeerssituaties – denk aan wegwerkzaamheden met afwijkende belijning – kunnen detectie-algoritmes de situatie verkeerd inschatten of juist niets ondernemen. De melding “Pre-Safe functie beperkt beschikbaar” is daarom ook een bewuste keuze om transparant te zijn: de auto geeft aan dat de preventieve bescherming niet optimaal is, zodat jij daar in rijstijl en afstandskeuze rekening mee kunt houden.

Regelgeving rond ADAS-systemen ontwikkelt zich bovendien snel. Europese wetgeving en testprotocollen van bijvoorbeeld Euro NCAP scherpen de eisen voor automatische noodrem- en voorspellende veiligheidssystemen stap voor stap aan. Naarmate die eisen strenger worden, neemt de complexiteit van de software toe en daarmee ook de noodzaak van nauwkeurige diagnose bij storingen. Voor jou als bestuurder betekent dit dat regelmatig onderhoud, tijdige software-updates en een gezonde elektrische infrastructuur (accu, dynamo, massapunten) essentieel zijn om te voorkomen dat een geavanceerd systeem als Pre-Safe op cruciale momenten slechts beperkt beschikbaar is.